Werk jij in een lawaaiige omgeving en is er niets aan het geluid te doen? Zorg er dan in ieder geval voor dat je gehoor niet beschadigd raakt.

Simpel gesteld: als je geen gesprek kunt voeren met je collega’s zonder harder te gaan praten, dan bestaat de kans op lawaaidoofheid. Deze schade aan je gehoor is blijvend. Je kunt het geluidsniveau op je werk meten met de FNV Decibelmeter, een gratis app die je gemakkelijk kunt downloaden.

Hoeveel dB is aanvaardbaar?

Als je een normaal gesprek met iemand voert, ligt het aantal dB rond de 60 dB. Een autoradio op vol volume kan wel 100 dB halen. En voor de meeste volwassenen ligt de pijngrens op 120 dB.

Verplicht beschermen

Is het geluidsniveau op je werk meer dan 80 decibel (dB), dan is je werkgever volgens de Arbowet verplicht om je gehoorbescherming te geven. Bij 83 dB mag je nog maar vier uur zonder gehoorbescherming werken. In de overige vier uur mag je dan niet meer in een lawaaiige omgeving werken. Je bent verplicht gehoorbescherming te gebruiken als je dagelijkse dosis lawaai gemiddeld hoger is dan 85 dB.

Bescherm je gehoor

Er zijn meerdere soorten gehoorbeschermers:

  • Gehoorkappen die je als koptelefoon draagt. Als ze de oren goed afdekken, wordt het geluid met 30 dB gedempt. Nadelen van gehoorkappen zijn dat de oren te warm worden, dat je afgesloten bent van de omgeving en dat je je eigen bewegingsgeluid terug hoort in de gehoorkap.
  • Oorpluggen, dopjes en stopjes kunnen je gehoor ook beschermen. Een nadeel is dat ze vaak niet goed in het hoorkanaal worden gestopt, waardoor het geluid onvoldoende wordt gedempt. Ook zijn ze niet altijd hygiënisch.
  • Otoplastieken zijn op maat gemaakte oordoppen die het geluid met 30 dB kunnen dempen. Ze kunnen ook afgestemd worden op de werkplek, zodat ze precies voldoende dempen. De otoplastieken zijn vaak het fijnst in het gebruik, maar er moet wel elk jaar gecontroleerd worden of ze nog goed werken.

Je werkgever moet met jou overleggen over de bescherming die het beste past bij jou en je werksituatie. Maak een verstandige keuze, want lawaaidoofheid ontstaat langzaam maar is niet meer terug te draaien.

Bron

Arboportaal, FNV